Verhuisbericht


Ik zet mijn muziekblogs voort op Zoemt! 

Voelt een beetje alsof ik na een solocarrière bij een bandje ga spelen, leuk & spannend.

Lees hier mijn blogs voor Zoemt!

Requiem Pour Gainsbourg


Van Quatre Mains, het eerste Franstalige nummer van dEUS, naar Serge Gainsbourg is een kleine stap. In Nederland blijft zijn naam, en die van Jane Birkin, vooral verbonden aan de hit Je t’aime, moi non plus. Jammer, want, behalve dat een eerdere versie van dat nummer met Brigitte Bardot vele malen mooier is, is er veel meer te ontdekken in zijn muzikale universum.

Air
Gainsbourg (1928-1991) was een alleskunner: van chanson tot rock, van reggae tot lounge avant la lettre. Zonder hem waarschijnlijk een heel andere dEUS, maar ook de jongens van Air hebben zijn platen in huis. Sterker nog: hun album Talkie Walkie is genoemd naar een nummer van den Serge.

Film
Zijn levensverhaal is niet samen te vatten in een paar regels: het risico om Gainsbourg eendimensionaal te portretteren als een doorrookt drankorgel en womanizer is te groot. Een tot de draad versleten cliché.  Bekijk liever de mooie, poëtische film die over hem is gemaakt: Gainsbourg, Vie Héroique.

Bloemkool
Vooruit dan, twee tips uit zijn wijd uiteenlopende oevre: Histoire de Melody Nelson en‪ L'Homme à tête de chou. Om het verschrikkelijke woord ‘tijdloos’ maar eens uit de kast te trekken: twee tijdloze platen. Ingrediënten‪ van de eerstgenoemde plaat: een te jonge dame, een te oude man en de dood. U zegt ‘Lolita’, ik denk het. De tweede plaat, ‬vertaald: ‘de man met het bloemkoolhoofd’, vertelt het verhaal van een veertiger die verliefd wordt op een kapster. De romance eindigt als hij haar in een aanval van jaloezie om het leven brengt. Met zijn opname in een inrichting als treurig slotakkoord.

Requiem
Zware kost? Misschien, maar onweerstaanbaar mooi gebracht. Dramatische strijkers, vervreemdende geluiden en steeds weer die stem. Welk nummer van Gainsbourg heeft Barman, al dan niet onbewust, geïnspireerd bij het schrijven van Quatre Mains
Ik gok Requiem Pour Un Con. 

Erg? Mais non. Luisteren? Oui, bien sûr! 



Following dEUS, Following Sea

En ja hoor, binnen 9 maanden na voorganger Keep You Close komen de godenzonen uit Antwerpen geheel onverwacht met een opvolger: Following Sea. Ik had mijn vertrouwen een beetje verloren in de band, met pijn in het hart; de overdadige bombast op Keep You Close maakte eerst indruk, maar ging al snel irriteren. 

Koffietafelboek
Onder de vettig glimmende produktie bleken nogal wat flauwe nummers schuil te gaan die het topzware gewicht niet konden dragen. Als een super-de-luxe koffietafelboek op een te klein tafeltje met wankele, iele pootjes. Live was het weliswaar strak, hard en professioneel, maar ook een beetje levenloos. Niet gek dat juist hun akoestische set op Crossing Border een verademing was.

Volumeknop
En nu dus uit het niets een nieuwe plaat. Geen woordgrappen hier over dEUS Ex Machina. Deels is Following Sea, Barman is een verwoed zeiler, gevuld met restmateriaal van de voorganger, maar dat mag de pret niet drukken. Vlag uit, spot aan en draai de volumeknop gerust helemaal naar rechts: dEUS voelt weer spontaan, funky en spannend! De samenhang is misschien ver te zoeken, maar zie dat vooral als een dikke plus. 

Natuurlijke ventilatie
Meer lucht, meer licht, meer chaos en nu en dan onbeschaamd poppy. De laatste twee platen voelden claustrofobisch en volledig dichtgesmeerd, geluid als isolatiemateriaal. Nu is er gelukkig weer natuurlijke ventilatie in huize dEUS. Wat ruiten zijn aan diggelen geslagen, het dak mag weer lekken en een frisse zeewind waait naar binnen.

Godjes
Een spontane release, een spontaan geluid. Mijn geloof in deze godjes is terug. De eerste single Quatre Mains is meteen hun eerste Franstalige nummer. Barman à la Gainsbourg.

Très, très bon, monsieurs. Ecouter c’est croire...


Palais Schaumburg lebt wieder

Palais Schaumburg leeft weer en, het wordt nog beter, komt naar Rotterdam voor een concert!

In 2011 bliezen Holger Hiller, Thomas Fehlmann, Timo Blunck en Ralf Hertwig (de klassieke line-up) nieuw leven in de band. In deze samenstelling zal Palais Schaumburg 28 april op het WORM podium te vinden zijn. Meteen een goede gelegenheid om WORM te checken: hét instituut voor avantgardistische recreatie.
 

The Miners of Muzo

Vraag me: ‘Wat vind je de leukste, Nederlandse gitaarband?’ en je krijgt als antwoord: ‘The Miners of Muzo natuurlijk!’ Opgericht in 1981 in downtown Tilburg, met aan het roer zanger en gitarist Leon Lemmen, brachten The Miners een fijne mix van garage rock, sixties punk, pop en een snufje country.
 
In het buitenland, en dan vooral Frankrijk, misschien wel populairder dan in eigen land. Diverse platen worden door buitenlandse labels uitgebracht en de band treedt vaak op over de grens. Begin jaren ’90 wordt het stiller rond de groep, maar in 2000 blaast Lemmen nieuw leven in zijn mijnwerkers. En The Miners still keep on diggin’.

The Fuzztones

In de revival van sixties punk die begin jaren ’80 de kop opstak, spoelde heel wat moois aan: The Cramps, Lyres, Miracle Workers en ook The Fuzztones. Hun debuut uit 1985, Lysergic Emanations, was een mix van vuige gitaren, een smerig orgeltje waarin nog wat resten van The Doors nasmeulden en een vleugje horror.

Erfgenamen van The Sonics en The Monks. Retro, ja. Vernieuwend, niet echt. Maar weird was het wel en dat is ook veel waard. En ze wisten ook hoe ze een real creepy video moesten maken. Meld je maar aan bij Ward 81...als je durft...

Fela’s Grooves

Fela Kuti. Invloedrijk muzikant en politiek activist. Overleden maar nog steeds springlevend. Verantwoordelijk voor klassieke platen en legendarische concerten. En en passant zorgde de man er ook voor dat new wave bands een stuk soepeler in de heupen werden. 

Fela's grooves beschrijven is ondoenlijk. Veel beter om zijn muziek te laten ‘spreken’. En hou dan een band als Talking Heads in je achterhoofd.  

You just might recognize a thing or two...

Brian, Fela & Talking Heads


Producer Brian Eno liet zijn vrienden van Talking Heads een plaat van Fela Kuti horen, Afrodisiac. Dat was het begin van de metamorfose van de band; van bleekneuzige kunstacademici naar een waanzinnig swingende, ritmische stormram. 

Verdrag van Schengen
Rammelde hun derde plaat, Fear of Music, al voorzichtig aan de poorten van percussief Afrika, met diens opvolger, Remain in Light werden alle grenzen definitief opgeheven. Het muzikale equivalent van Het Verdrag van Schengen was een feit. En de transformatie compleet: David Byrne en companen dompelden zich onder in een zee van polyritmiek, staccato gitaren en monumentale grooves. De dodelijk verlegen Byrne werd een soepele showman eerste klas.

Fela Kuti
Fela Kuti’s muziek werd, soms letterlijk, gebruikt als inspiratie. Een hommage aan de grote man uit Nigeria, not just a copy. Remain in Light werd een belangrijke toegangspoort tot, ahum, wereldmuziek. En nu nooit meer dat vreselijke woord gebruiken!

 

Primal Scream & De Generatiekloof

Soms kun je de leeftijd schatten van de dame of heer die de ondertiteling van een televisieprogramma verzorgt. Bijvoorbeeld tijdens het bekijken van een aflevering uit de Britse serie Classic Albums over Primal Screams Screamadelica. Bleke Schotten met een scherpe neus voor, naast diverse geestverruimende substanties, de tijdgeest. Toen het ging over hun grote doorbraak, de 12 inch Loaded, werd 12" steevast vertaald als...30 centimeter.

Een onoverbrugbare generatiekloof, ook al is-ie slechts 12" breed...

Magnus

Neem a spoonful of zonnig Antwerpen, zo'n 10CC van een CJ op stoom en maak het af met een zwoele Scheldebries. De Barman van dienst shaket deze ingrediënten tot een stomende funkcocktail. Et voila, een Magnus on the rocks, summer's here

Next Friday

Met het risico om beschuldigd te worden van eenzijdige berichtgeving, nog een keer...Mr. Friday.

Want: hij was afgelopen maand in Vlaanderen en Nederland voor een handvol concerten. Een hand die één vinger mist dan toch. Indrukwekkend in Gent, met ondergetekende op de eerste rij. Almost too close for comfort. Kan er verhalen over vertellen, maar hou deze voor me. That's private, of zoiets toch...

D'n Gav was ook te bewonderen bij De Laatste Show voor een interview én een fantastische uitvoering van Brels 'Au Suivant', Na-na-na-Next! Roll the tape...


Front 242

Er was een tijd dat muziek eng was, duister en dreigend. Niet gezellig, maar hard, kil en elektronisch. Machinale marsmuziek, waarvan de ironie veel luisteraars ontging. Monotonie en naamgeving werden al snel verward met fascistoïde voorkeuren; het overkwam Joy Division, Killing Joke en New Order al eerder.  Front 242 was een van de voorlopers in de industrial scene. Mijn eerste kennismaking met deze Belgen was ‘Headhunter’ uit 1988. Unheimlich qua beeld en geluid met een grauw Brussel als decor. Niks geen gemoedelijke Belgen. Regisseur van dienst: Anton Corbijn.

Gavin Friday

Terug
Crossing Border 2011, Den Haag, Antwerpen en Gavin Friday. Meer moet het niet zijn. De held die na 16 jaar weer terugkeert aan het front. Nou ja, kun je van terugkeren spreken als je in de tussenliggende jaren volop soundtracks en theaterproducties maakt, acteert en ook nog tussen neus en lippen door aan U2 probeert uit te leggen wat authentiek showmanship werkelijk is?

Muzikale machtsgreep
Zijn eerste optreden met band is op vrijdag 18 november, Crossing Border, Den Haag. Technische mankementen zitten wat in de weg, maar Gavin, band en het publiek vieren de hernieuwde kennismaking. De volgende dag, in Antwerpen, blijkt mister Friday in topvorm. Aan het begin van de avond een mooi interview in een superbe setting. Het publiek hangt aan de lippen van de geboren verhalenverteller. Later die avond is zijn muzikale machtsgreep een feit: Den Haag was goed en nuttig, maar in Antwerpen ontvouwt zich een volmaakt concert. 

Uniek verhaal
Perfect bij stem, een persoonlijkheid boordevol charisma, geen technische troubles (alleen de discobal wil niet draaien, but who cares), een dolenthousiaste zaal en, natuurlijk, alleen maar sterke nummers. Een mix van nieuwe nummers van ‘catholic’ met ouder werk van de voorgaande 3 albums. Openingsnummer is er zelfs een van de Virgin Prunes. Opvallend hoe goed alles op elkaar aansluit. Tegelijk is elk nummer een eigen film met een uniek verhaal. En de heren Brel, Weill, Bowie, Bolan en Ferry knikken goedkeurend vanuit de coulissen. 

Tour 2012
Amai...een concert dat nog steeds nazindert in mijn hoofd. 
Nieuwsgierig geworden? Klik hier voor meer info over zijn tour in 2012.
Gavin, welkom terug. Het was indrukwekkend, tot in Gent!

 

catholic

De coverfoto van ‘catholic’, het nieuwe album van Gavin Friday, is een eerbetoon aan het schilderij Michael Collins, Love of Ireland door Sir John Lavery, waarop de Ierse revolutionaire leider Michael Collins op staat/ligt afgebeeld. Hoewel je parallellen zou kunnen trekken tussen de onrust van het geboortejaar van Ierland en de huidige financiële ontreddering en politieke chaos, heeft Friday verklaard dat zijn laatste album ‘een emotioneel en geen politiek album is’.

Albumcover ‘catholic’
Portrait of Michael Collins by John Lavery  
                                                  


 
Zie voor the making of:

MC 900 Ft. Jesus

 

Helden van helden
Soms loont het om de helden van helden te checken. In mijn geval de helden van Tom Barman. Ik ben zo met genoegen gestuit op Charles Mingus, Serge Gainsbourg en MC 900 Ft. Jesus. Over monsieur Gainsbourg ga ik binnenkort wat schrijven. Eerst Mark Griffin alias MC 900 Ft. Jesus. 

Creepy stuff
Een klassiek opgeleide muzikant die zijn heil zocht in rap en experimenten. Zijn artiestennaam haalt hij uit een preek van een foute TV-evangelist. Eind jaren tachtig/begin jaren negentig brengt hij 3 platen uit, waarvan de laatste 2 geïnjecteerd worden met een forse dosis jazz. Een jazzy, film noir sfeer met een onheilspellende laidback stem die sinistere verhaaltjes opdist. Creepy stuff. Tijdens de voorbereidingen voor zijn vierde plaat merkt Mark dat de inspiratie verdwijnt. Dat gecombineerd met zijn onvrede over de muziekbizz maakt dat hij het voor gezien houdt. Daar zouden overigens meer artiesten een voorbeeld aan mogen nemen... 

Twin towers
Hij doet vervolgens een opleiding voor vlieginstructeur met als belangrijkste motivatie dat hij dan op concrete, meetbare vaardigheden wordt beoordeeld. Helaas haalt hij zijn diploma rond september 2001, een periode waarin na de Twin Towers ook de vliegwereld instort. Laatste bericht is dat Mark in een boekwinkel werkt en af en toe plaatjes draait als DJ in een bar.

Bij deze een nummer over vallende liften, van zijn tweede plaat ‘Welcome To My Dream’, ooit nog gebruikt in een Levi’s reclame. Enjoy...

The JB’s Blow Your Head

Help, ik kan niet meer stoppen! The schatkamer van The JB’s blijkt onuitputtelijk. Wie hebben er in hiphopland niet bij hen de mosterd gehaald? Behalve Public Enemy ook helden als Ultramagnetic MC’s, Eric B. & Rakim, RUN DMC en DJ Shadow. And the list goes on and on and on... Om het af te leren nog maar een parel die Public Enemy vond in de mosterdpot van oom James B. en zijn vrienden. Muzikale archeologie op zijn mooist.



Night of the Living JB’s

Al eeuwen verslingerd aan het typische geluid van Public Enemy, blijkt dat deze crew eindeloos veel van juist hun weirde sounds gesampled heeft van The JB’s. Niet minder dan de backing band (en initialen) van de heer James Brown begin jaren ’70. Maakt dit mijn respect voor P.E. minder? Now way! Maar mijn nieuwsgierigheid naar hun bronnenmateriaal is gewekt. Heel apart om de originele geluiden te horen. Een ontdekking, zij het misschien wat laat...ik weet het. The JB’s dus: het is ook voor u nog niet te laat!




Cruiser’s Creek

Ik had al gewaarschuwd voor nu en dan een verdwaalde clip van The Fall...

Cruiser’s Creek-aaaaah!










 

Birth, School, Work, Death

Weinig bands vond ik zo stoer, zo streetwise als The Godfathers uit Elephant & Castle, een wijk in Londen. Opgericht in 1985 door de broers Peter en Chris Coyne, nadat hun eerdere (punk)band The Sid Presley Experience uit elkaar was gevallen. Over goede bandnamen gesproken... Strak in het pak, boze blik, angry young men en een indrukwekkend Londens accent. Denk aan de karakters uit Lock, Stock and Two Smoking Barrels en Snatch

Helaas maar één keer live gezien op een festival, waarbij de stemming van de peetvaders vijandig was. Geen idee waarom, maar wel spannend. Later nog een poging gewaagd, maar het was ook een band die soms niet kwam opdagen. Very rock & roll natuurlijk, verras je fans!

De single ‘Birth, School, Work, Death’ van hun tweede, gelijknamige plaat uit 1988 bracht bekendheid in en vooral ook buiten Groot-Brittannië. Het leven samengevat in vier woorden, gebracht met een indrukwekkende ernst. In hetzelfde jaar speelden de heren op Pinkpop. Het jaar waarin ook de Red Hot Chili Peppers (ja ja, met hun sokken) voor het eerst op bezoek kwamen in Limburg. Toen bands nog gevaarlijk leken en aanstootgevend waren. Andere koek dan het K3-gehalte van tegenwoordig.

Sterke singles en albums werden nog wel gemaakt, maar in eigen land bleef de band opvallend genoeg tamelijk onbekend. De oerknal van hun oudere singles werd niet meer herhaald. Enigszins dolgedraaid van het vele toeren viel de band in het midden van de jaren '90 uit elkaar.  Misschien te vroeg gepiekt; de Britpop kwam op terwijl The Godfathers via een zijdeur het podium verlieten. 

In 2008 komen The Godfathers weer bij elkaar in hun oorspronkelijke bezetting en treden weer geregeld op. Vooral in Engeland en Spanje. Goed nieuws, maar ik hou het bij de herinnering. En clips als deze. Kijken! Waarom? Cause I said so!



 

 

Rock & Roll Stars


En zo ga je naar een toneelvoorstelling en zie je pas na afloop in het programmaboekje staan: geluidsontwerp door Richard Janssen. Hmmm, De Richard Janssen van de Fatal Flowers? En, zat ik niet net naast de geluidsman in de zaal? Eén blik over mijn rechterschouder was voldoende geweest om het te checken. Gemiste kans.

Want u moet weten: Janssen was mijn grote held tijdens de hoogtijdagen van de Flowers. Niet alleen de platen grijsgedraaid en hun concerten bezocht, maar ook een wit jeansjack aangeschaft, just like Richard. En nu dus within reach.

Nieuw seizoen, nieuw toneelstuk, zelfde regisseur. A second chance. En ja, nu zie ik het voordat het doek opengaat: geluidsontwerp van...u raadt het al. Kan hem vanuit mijn zitplaats niet goed zien, damn. Gelukkig is het première avond, drie critici op een rijtje met hun blocnotes in de aanslag en het publiek enthousiast. Alle betrokkenen worden na afloop op het podium geroepen. En daar is hij dan: ouder maar niet veel ouder, en nog altijd goed in het pak gestoken. Gelukkig geen vergane, uitgedijde glorie!

Mooi hoe onze wegen (uiteraard zonder dat Richard dit zelf beseft) weer kruisen. De man van de Fatal Flowers, Shine en Rex maakt nog steeds mooie dingen, alleen in een andere context.

Een paar fragmentjes, als herinnering dat Nederland ooit heus wel echte rockbands kende...



 

dEUS + Mingus


Geheel in de geest van post-punk: anything goes! Plusmingus snuffelt ook graag rond in de wereld van hiphop en jazz. Jazz? Oh yeah, jazzzzz. Meer in het bijzonder: Mingus jazz. En dat allemaal dankzij ‘Theme from Turnpike’ van dEUS!

Bekijk eens de clip (beter gezegd: de korte film, regie Tom Barman en let op de acteurs) en let vooral op het verslavende basloopje...van Mingus’ ‘Far Wells, Mill Valley’.



Palais Schaumburg


De belangrijkste vertegenwoordiger van de Neue Deutsche Welle wordt begin 1980 opgericht als Holger Hiller en Thomas Fehlmann elkaar leren kennen. Met de Amerikaan Chris Lunch op bas en F.M. Einheit (die op hetzelfde moment ook in Abwärts en Einstürzende Neubauten speelt) op drums wordt de eerste single Rote Lichter opgenomen. Palais Schaumburg, de naam is ontleend aan de voormalige residentie van de Duitse bondskanselier, gaat als voorprogramma op tournee met Pere Ubu. Zij attenderen Daniel Miller, de eigenaar van het Mute-label, op de groep. 

Op uitnodiging van Miller speelt het viertal in Londen, waarna F.M. Einheit de groep verlaat. Hij wordt vervangen door Ralf Hertwig, afkomstig uit de Hamburgse funkgroep Front. Wanneer deze bezetting enkele weken bij elkaar is, worden de opnamen voor hun debuut album ‘Palais Schaumburg’ gestart. Op de hoes prijkt David Cunningham, de man achter de Flying Lizards en een serieuze geluidskunstenaar die onder meer met Michael Nyman heeft gewerkt, als producer.  Zijn taak bestaat er voornamelijk uit de vastgelopen opnamen tot een goed einde te brengen. 

Het album ‘Palais Schaumburg’ (1981) is één van de meest oorspronkelijke platen ooit verschenen: de groep breekt met de Anglo-Amerikaanse rocktraditie en speelt een hoekig en springerig soort muziek dat aansluit op de Duitse expressionistische traditie van de jaren twintig en dertig. Een duidelijk voorbeeld van hun stijl is de single ‘Wir Bauen Eine Neue Stadt’. 

Na dit album verliet Hiller de band voor een solo-carrière. De band maakte zonder hem nog twee albums zonder veel succes en gooide in 1984 de handdoek in de ring.


Paris, the rapper not the city

Dreigend, stuwend, de woorden uitgespuugd op vlijmscherpe scratches. Het eerste rapnummer dat mijn oren voor hiphop openzette. Paris’ ‘The Devil Made Me Do It’ uit 1990 werd verbannen van MTV. 

Pijnlijk misschien, MTV...? 

  

The Mighty Fall

The Fall. De beste, meest invloedrijke indie-band ever. Opgericht in 1976 en nog steeds op oorlogspad. De teller staat inmiddels op zo’n 30 studio-albums, ruim 60 live-platen en verzamelaars, ontelbaar veel verschillende platenlabels en meer dan 40 bandleden. Niet dat The Fall een orkest betreft met zulke aantallen muzikanten. Nee, ceremoniemeester Mark E. Smith (tevens autodidact, dictator, genie en inspirator) voert gewoon een strak personeelsbeleid. Dat beleid is niet eenduidig of consequent. Onvoorspelbaar en soms wat agressief is een betere omschrijving. Belangrijk is wel dat nieuwkomers geen fan zijn van The Fall, want dat staat vernieuwing in de weg.

Mark E. Smith (M.E.S.) is beïnvloed door namen als Captain Beefheart, The Monks, The Stooges, Can en Lee ‘Scratch’ Perry. Schrijvers als H.P. Lovecraft, Raymond Chandler en Malcolm Lowry zijn minstens zo belangrijk voor zijn kijk op muziek en de wereld. Cryptische teksten waarin hij snerend uithaalt naar, ja, eigenlijk naar alles wat in zijn vizier komt. 

Hoewel bijna elke plaat opgenomen wordt met een (deels) andere bezetting is het geluid altijd herkenbaar. Maar nooit een kopie van zichzelf. Zoals John Peel, hun grootste fan, al zei: ‘They are always different, they are always the same.’ Marks stem is herkenbaar uit duizenden. Een stem die net zo uniek is als Beefhearts schuurpapieren strot. Zijn dictie kenmerkt zich door een lijzige manier van spreken, waarbij woorden steevast worden verlengd met ‘ah’. Als in: Welcome-ah. Volgens Mark himself is dat gewoon de manier waarop iedereen in Manchester en Salford praat. Of je rent gillend weg of je raakt eraan verslaafd. Zie The Fall als een soort van onvoorspelbare huisvriend. Je komt er nooit meer vanaf, maar ach dat wil je ook niet.

De muziek van The Fall is, om het enigszins overzichtelijk te houden, in te delen in een aantal fasen. Tot begin jaren 80 was de band vooral ritmisch en repetitief. Ritme, bas en herhaling blijven kenmerkend voor hun geluid, maar vanaf 1983, met de komst van de Amerikaanse gitariste en nieuwbakken echtgenote Brix Smith, wordt The Fall iets toegankelijker en krijgt hun geluid meer groove. In 1989 verlaat Brix het echtelijk huis en daarmee de band. Vanaf dat moment sluipen invloeden vanuit de dansmuziek hun platen binnen.
M.E. Smith houdt de vinger aan de muzikale pols van de tijd; The Fall wordt dansbaar met beats en synths, maar daarom niet minder giftig. In 1998 krijgen de bandleden, waaronder enkele trouwe oud-gedienden, slaande ruzie met Mark E. op het podium in New York waarbij rake klappen worden uitgedeeld. Het zal niet de laatste keer zijn dat iets soortgelijks zal gebeuren. 

In korte tijd heeft Mr. Smith echter doodleuk een nieuwe band bij elkaar geronseld en brengt en passant een ijzersterke plaat uit. The Fall is als onkruid: het vergaat nooit en komt altijd sterker terug. Tot op de dag vandaag verrassend, relevant en wispelturig. Hun invloed beschrijven is onbegonnen werk. Eigenlijk zijn alle alternatieve bands sinds de jaren tachtig schatplichtig aan The Fall. Is het niet om de muziek, dan toch wel om hun attitude.

Als een ode aan deze band aller bands zal ik regelmatig muziek van The Fall posten op deze blog. Omdat er niets leukers is dan luisteren en kijken naar The Fall, en naar Mark E. Smith-ah. Als starter: “Big New Prinz’ uit 1988, ingeleid door the late great Tony Wilson.

 
 

Liaisons Dangereuses


Liaisons Dangereuses, opgericht in 1981 door Beate Bartel en Chrislo Haas, maakte deel uit van de Neue Deutsche Welle. Bartel en Haas hadden op dat moment hun sporen al verdiend als mede-oprichters van respectievelijk Einstürzende Neubauten en Deutsch-Amerikanische Freundschaft (D.A.F.).

Met Krishna Goineau als zanger scoorde de band in 1982 een grote underground hit met de single ‘Los Niños del Parque’. Een beukend, repetitief ritme dat alle ledematen tot onvrijwillige, hoekige bewegingen dwingt. Het enige album van Liaisons Dangereuses, eveneens ‘Liaisons Dangereuses’ geheten, kwam een jaar eerder uit. Een plaat die lange tijd niet meer verkrijgbaar was en daarom een collectors item werd. Inmiddels is de plaat, gelukkig, opnieuw uitgebracht en goed verkrijgbaar. Mede-oprichter Haas stierf in 2004 op 47-jarige leeftijd; veel jonge en tragische doden in de post-punk.

Ondanks dat Liaisons Dangereuses een beperkte hoeveelheid materiaal heeft uitgebracht, was de band haar tijd ver vooruit en van grote invloed op de latere Chicago en Detroit electro- en technostroming.  

Zo, und jetzt gehen wir mal tanzen tanzen tanzen! Probeer nu nog maar eens die ledematen in bedwang te houden...

The Queen Is Dead, Long Live The Smiths!

The Smiths zijn de invloedrijkste band van de jaren tachtig en daarna. En, The Smiths zijn belangrijker geweest dan The Beatles. Zo die zit, heb ik uw aandacht? Als erfgenamen van The Jam en stadgenoten The Buzzcocks brengt de band tussen ’84 en ’87 vier platen (en daarnaast veel singles) uit die het muzikale landschap definitief zouden veranderen. 



Terug naar de eenvoud van gitaar, bas, drum en zang als remedie tegen de dicht gesmeerde, glad gepolijste, door synthesizers gedomineerde deuntjes van die tijd. 

The Smiths als reddingsboei voor de jeugd ten tijde van iron lady Margaret Thatcher. Een band die zich manifesteerde als een hechte eenheid tegen de rest van de wereld, met zanger Morrissey en gitarist Johnny Marr als creatieve spil. 

Waarom zette juist deze band Engeland zo op zijn kop? Daar zijn denk ik meerdere redenen voor op te noemen. Belangrijkste reden is dat The Smiths fantastische nummers en albums hebben gemaakt. Ten tweede had de band met Morrissey een tekstschrijver van formaat in de gelederen. Zijn afwisselend cynische, melancholische en grappige teksten vonden gretig weerklank bij een opgroeiende generatie in een grauw Engeland. Zijn teksten handelden over gevoelens als onzekerheid en weltschmertz, maar ook messcherpe kritiek op het koningshuis en de politiek werd niet geschuwd.

Een voorbeeld van de vileine humor van The Smiths in het nummer The Queen is Dead
So, I broke into the palace
With a sponge and a rusty spanner
She said : "Eh, I know you, and you cannot sing"
I said : "That's nothing - you should hear me play piano"

Dit was geen protestband met drammerige, betweterige aanklachten. Voorman Morrissey was, en dat is reden nummer drie, een mix van Oscar Wilde en James Dean. Een scherpe, intellectuele geest die eigenlijk op het podium pas tot leven kwam. Als zanger ontpopte de teruggetrokken Morrissey zich tot een flamboyante spreekbuis van een intens verveelde generatie. Alle verlegen jongens en meisjes, die hun dagen sleten op hun kamer luisterend naar muziek en fantaserend over hun helden, zagen hun droom door hem waarheid worden: van dromerige nerd tot intellectuele ster. 

Een ster die zich echter niet in zijn kaarten liet kijken. Hij bleef op veilige afstand, zodat niemand echt achter de façade kon kijken. Tenzij er geen façade was; misschien stond de echte Morrissey juist op het podium. Een mysterieuze kluizenaar die woorden vond bij de gevoelens van een belangrijk deel van het jongere deel van de bevolking. Een aantrekkelijke paradox en daarom reden nummer vier.

Tot slot is de rol van gitarist Johnny Marr als schrijver van de melodieën niet te overschatten. Soms klinken de melodieën verraderlijk luchtig, maar luister dan eens goed naar Morrissey’s teksten; waarschijnlijk zijn deze dan op hun zwartgalligst. Alle nummers van The Smiths zijn toegankelijk en puur in hun eenvoud. Die eenvoud is schijn, maar het klinkt allemaal zo, tja, zoals The Smiths.

Na vier platen stapte Marr op en daarmee stopte de band. Gestopt op hun hoogtepunt. De split was rommelig en weinig vreedzaam. Maar dat doet niet ter zake. The Smiths waren een spreekbuis van ongelukkige pubers en een verveelde generatie. Zij gaven hoop,  schoonheid en poëzie in een kille tijd. Zonder The Smiths zou er geen sprake zijn van The Stone Roses, Blur, Oasis, Suede etcetera. Een band die de tijdgeest haarfijn aangaf maar niet tijdgebonden was. Eerder tijdloos: nog steeds klinken zij urgent, fris en ‘van nu’.

PlusMingus maakt het zich makkelijk nu en laat u achter met twee clipjes van The Smiths. Oh ja, en waarom The Smiths beter zijn dan The Beatles? Makkelijk: The Beatles raken je niet. Niet zoals The Smiths. Halalalalalalaladieee!

 

 

Swell, always fine or better...


Swell, ooit door de late great John Peel uitgeroepen tot de nieuwe Nirvana. Het is anders gelopen. Terwijl Kurt (en Peel zelf) inmiddels dood en begraven zijn, is ook de herinnering aan Swell een stille dood gestorven. Een triestig lot voor, naar mijn smaak, een van de mooiste bands van de jaren negentig

Swell wordt in 1989 opgericht in San Francisco door zanger David Freel en drummer Sean Kirkpatrick. De band heeft vanaf hun eerste album een eigen, herkenbaar en moeilijk te omschijven geluid. Beïnvloed door new wave, psychedelica, folk en filmmuziek en daarom moeilijk te catalogeren of te vergelijken met anderen. De eerste platen worden opgenomen in een pakhuis, waarbij ook toevallig opgenomen omgevingsgeluiden deel uitmaken van de muziek. Zo opgeschreven lijkt dit experimenteel, maar Swell klinkt juist puur, naturel.

Het geluid is helder, ruimtelijk en open. Alsof de principes van dubreggae zijn toegepast op een indie-gitaarband. Freels zang lijkt ingehouden, berustend. Maar op een vreemde manier werkt dat zeer effectief en fungeert zijn stem als een rustpunt in de vloedgolf van Swells melancholie. Een bron van warmte die je tegelijk koude rillingen bezorgt.

De band brengt acht platen uit, naast twee compilatie-albums, een aantal singles en EP’s. Met name de eerste vijf albums zijn fantastisch. Daarna blijft het niveau weliswaar hoog, maar verdwijnt iets van de oorspronkelijke magie. Swell tourt intensief tijdens de jaren negentig door Amerika en Europa, maar commercieel succes blijft uit. In de loop van de jaren wordt Swell langzaam maar zeker het éénmansproject van David Freel. Langzaam zakt Swell, dat nog wel een paar platen maakt, weg in de anonimiteit. In 2009 brengt Freel een album uit onder een andere naam, Be My Weapon, waarmee naar alle waarschijnlijkheid een einde is gekomen aan Swell.

Genoeg feiten, jaartallen en halfslachtige pogingen om de uniciteit van Swell te beschrijven. Zoals gezegd is het gevoel en het bijzondere geluid van de band moeilijk in woorden te vangen, daarom is het beter om gewoon wat te laten horen. Nou ja, gewoon. Een min of meer willekeurige greep uit Swell nummers van verschillende platen: At Long Last, It’s Okay, The Turtle Song, Kinda Stoned, Forget About Jesus, What I Always Wanted, Sunshine Everyday en ...A Velvet Sun.

Ga op zoek naar de platen van Swell, allemaal nog verkrijgbaar, en laat het over je heen komen. Tot slot een korte reportage uit de begintijd van Swell, gefilmd in het pakhuis waar zij hun eerste drie platen opnamen.


Moby’s Go

Dat Moby voor zijn doorbraakhit ‘Go’ de mosterd haalde bij de cultserie ‘Twin Peaks’, zal u vast bekend zijn. ‘Laura Palmer’s Theme’ brengt je meteen weer in de (juiste?) sferen; ik kan niet wachten de DVD-box weer te voorschijn te halen voor een quick fix

Grappig is dat ook de uitroep ‘Go’ in het nummer, en daarmee eigenlijk de volledige tekst, geleend is. Gesampled van Tones on Tail om precies te zijn. Dat die naam niet direct een bel doet rinkelen kan ik me voorstellen. Tones on Tail was de band van gitarist Daniel Ash, opgericht direct na het verscheiden van oppergoten Bauhaus. Dat zal bekender klinken in de oren van post-punk adepten. Tones on Tail werd uiteindelijk Love and Rockets en hiermee eindigt deze geschiedenisles weer. 

De sample is te horen na 53 seconden (en wordt herhaald...en herhaald...)
 

En het origineel van Tones on Tail. Let op.....rond 51 seconden...Go!
 

Crazy Rhythms!

The Feelies. De enige band die volgens Lou Reed begreep hoe je een gitaar moest bespelen. Een a-typische band in het New York van eind jaren zeventig. Vier nerdy, bebrilde jongens met keurige overhemden. Geen hanenkammen, gescheurde broeken of uitspattingen en optredens worden vooral gepland tijdens vakanties en op feestdagen. Belangrijkste spelers: Glenn Mercer en Bill Million. 

Bijzondere jongens, The Feelies. Hoewel beïnvloed door grootheden als The Stooges en The Velvet Underground varen ze een eigen koers. De muziek staat bol van dynamiek en tempowisselingen die je voortdurend op het verkeerde been zetten. De gitaren dicteren het ritme, krioelen door elkaar, gaan soms gelijk op en dan weer abrupt uit elkaar. De monotone zang is naar de achtergrond gemixed, de teksten daarom soms moeilijk hoorbaar en mysterieus. Opvallend zijn de drumpartijen: droog, strak en bloednerveus. 


Voordurend duiken er andere percussie-instrumenten op: constant hoor je getik, geklingel van belletjes en geratel. Termen als noise, feedback en distortion zijn niet van toepassing op hun geluid, wel: precisie en helderheid. Geen hi-hats ook. De nagalm hiervan versluierd te veel de andere geluiden en dus: exit hi-hats. 

Geen songs met coupletten en refreinen, maar muziek die je besluipt, opkomt en dan weer verdwijnt, onder je huid kruipt, enigszins neurotisch is en lichtelijk verslavend werkt. Dat klinkt als een recept voor moeilijke, arty muziek, maar dat is het niet. The Feelies blijven juist toegankelijk en klinken nooit gekunsteld.  Hun eerste album ‘Crazy Rhythms’ uit 1980 is ADHD-postpunk, een gitaarplaat met gekmakende ritmes. Nummers als 'The Boy with Perpetual Nervousness' (wat een titel alleen al!), 'Crazy Rhythms', ‘Original Love’ en 'Moscow Nights' dringen via je trommelvliezen je brein in, nestelen zich daar en gaan nooit meer weg. En ineens zit je als een eenmansdrumband je handen blauw te slaan op tafels, stoelen en je benen.  

Bands waar The Feelies affiniteit mee hebben zijn CBGB-collega’s zoals Television, Talking Heads, Devo en the B-52’s. Muzikaal niet echt vergelijkbaar, maar wel zijn ze allemaal ver verwijderd van het eendimensionale punkrock geluid van enkele jaren daarvoor. Ook bij deze bands staan ritmes, percussie en een transparant geluid voorop. De intelligente neefjes van The Ramones. 

Hun tweede plaat, ‘The Good Earth’ verschijnt pas zes jaar later, in een deels nieuwe bezetting. Deze plaat wordt geproduceerd door Peter Buck van R.E.M.. Het nerveuze ritme is verdwenen in ruil voor een meer relaxt geluid dat neigt naar folkrock. Een goede plaat, maar na de turbulentie van hun debuut minder urgent. Hetzelfde geldt ook voor de twee platen die hierna nog verschijnen: sterke platen die elke strijd met eventuele concurrenten met gemak aankunnen. Maar ook hier geldt weer: juist het neurotische, gestoorde getik en gejengel maakt een band als The Feelies zo uniek en dat ontbreekt een beetje.

Bill  Million verhuist in 1991 plotseling naar Florida, gaat programmeren voor Disney, hangt zijn gitaar aan de wilgen en, last but not least, laat geen adres achter voor zijn ex-bandleden. The Feelies houden op te bestaan. Maar dan is er groot nieuws in 2008: op uitnodiging van Sonic Youth spelen zij onder grote belangstelling weer samen in Battery Park NY, doen daarna nog meer optredens en er is zelfs sprake van nieuw werk! Hun nummer ‘Let’s Go’ wordt gebruikt in een Volvo reclame, kortom: The Feelies on a roll!

Geen andere band klinkt als The Feelies, maar grote acts als Sonic Youth en R.E.M. (en daarmee eigenlijk haast elk indie-bandje) zijn wel sterk beïnvloed door hun krioelende gitaarpatronen en soms onverstaanbare vocalen. Het is verbazingwekkend hoe fris en tijdloos met name hun debuut nog altijd klinkt. Sterker nog: als ‘Crazy Rhythms’ de afgelopen dertig jaar mee had gedongen naar een plek in de jaarlijkse eindejaarslijstjes, zouden The Feelies in de categorie ‘indie gitaar’ elk jaar met gemak hebben gewonnen. 


 


Related Posts Plugin for WordPress, Blogger...